Slaapontspanning

Een mens bestaat uit een fysiek lichaam, een levenslichaam, een ziel en een geest.

Overdag is de ziel, met daarin de geest, verbonden met het fysieke lichaam via het levenslichaam. Als je slaapt, nemen je ziel en geest afstand tot je lichaam en levenslichaam en lossen deels op in het heelal. Om afstand te kunnen nemen, is het nodig dat de ziel de verbindingen ontspant.

De ziel is als het ware met allerlei kleine ‘haartjes’ verbonden met het levenslichaam. Overdag worden deze haartjes steviger, meer haakjes, door allerlei zintuig indrukken. ’s avonds ontspannen deze haartjes, waardoor ze makkelijker de grip op het levenslichaam laten gaan.

Moeite met inslapen ontstaat als deze haartjes stevig blijven of het levenslichaam niet gezond is en daardoor als het ware ‘ruw’. De haartjes zijn te ontspannen door zintuig indrukken te verminderen en minder heftig te maken. Een verhaal lezen of dagdromen zorgt er al voor dat de zintuigen minder actief zijn.

Het levenslichaam ‘glad’ maken, de grip erop verminderen, kan door het te voeden met warme melk, zachte pap of andere tegen vloeistof aanzittende voedingsmiddelen.

Meer lezen:
De Wetenschap van de Geheimen der Ziel, van Rudolf Steiner
Slaap en slaapproblemen, Therapeuticum Aurum
Slaapproblemen, eigen antroposofisch onderzoek.
Kinderslaap en ouders